Fysionomie

empirische psychologie 1755

Door de fysionomie dacht men via uiterlijke kenmerken het innerlijk van de mens te kunnen achterhalen. Theoloog Johann Caspar Lavater zorgde in de 18de eeuw voor de popularisering van de fysionomie. Zijn fysionomie is een eerste poging tot een empirische psychologie.

“A person who has good thoughts cannot ever be ugly. You can have a wonky nose and a crooked mouth and a double chin and stick-out teeth, but if you have good thoughts they will shine out of your face like sunbeams and you will always look lovely.”

Roald Dahl – The Twits

Mensen hebben lang geprobeerd om het innerlijk van hun medemens af te lezen van zijn uiterlijk. Pythagoras weigerde ooit een leerling de toegang tot zijn klas, omdat hij aan zijn uiterlijk  kon zien dat hij een slecht karakter had. Door de eeuwen heen bleef dit een populaire activiteit, hoewel de Katholieke Kerk de fysionomie naar het einde van de middeleeuwen voor hekserij aanzag.

De opzienbarende resultaten die de natuurwetenschappen in de zeventiende en achttiende eeuw boekten, haalden de fysionomie echter terug uit de vergetelheid. Alles werd kenbaar en verklaarbaar. Door de uiterlijke kenmerken van de mens te bestuderen zouden onderzoekers ook zijn innerlijk kunnen doorgronden. Fysionomie kwam in de gloed van de wetenschap te staan. Een wetenschap echter die, zoals in die jaren gebruikelijk was, een theologisch doel diende. God gaf de mens niet zomaar willekeurig vorm, maar hij graveerde de eigenschappen van zijn karakter in zijn gezicht . Het was het werk van de fysionoom om die te achterhalen.

De popularisering van de fysionomie is vooral de verdienste van de Zwitserse theoloog Johann Caspar Lavater (1741-1801). Hij ontwikkelde rond 1775 een nieuw fysionomisch systeem, geheel volgens de moderne wetenschappelijke methodes: anatomie met schema’s van neuzen en monden en met een écht instrumentarium. Alleen was heel zijn theorie gebaseerd op esthetische vooroordelen, waardoor ze niet te onderbouwen was. Maar daar stoorde niemand zich aanvankelijk aan. In heel Europa werd ‘gezichten lezen’ populair. Fysionomische briefwisselingen, zakboekjes en talloze publicaties overspoelden de markt.

Lavaters fysionomie kan worden beschouwd als een eerste poging tot een empirische psychologie. Zelf analyseerde hij meestal aan de hand van silhouetportretten en vrij snel doken er allerhande specialisten op. Tegen betaling kon je een portret of gezicht laten analyseren bij een gelaatskenner, de psychiaters van het fysionomische tijdperk.