Bed- en badverpleging

 

In het begin van de twintigste eeuw werden geesteszieken vaak in bed gehouden, zoals mensen met lichamelijke aandoeningen. Dit had vaak dementering, vervreemding of autisme tot gevolg. Ook werd de geesteszieke ter behandeling uren of zelfs dagen in een bad gelegd.

Bij het begin van de twintigste eeuw werd geestesziekte in de psychiatrische ziekenhuizen benaderd als een hersenaandoening. De krankzinnige moest op een gelijkaardige manier als een lichamelijk zieke behandeld worden en werd dus constant in bed gehouden. Aangezien hij werd verpleegd als een gewone zieke, zou hij niet meer het gevoel hebben opgesloten of afgezonderd te zijn als een gevaar voor de maatschappij. Artsen en verzorgers konden daarenboven ongehinderd de patiënten observeren. Door het constante nietsdoen verveelden de patiënten zich zodanig, dat dit vaak dementering, verdere vervreemding, onverschilligheid en autisme tot gevolg had. Bovendien kregen veel patiënten last van doorligwonden.

De badverpleging vindt haar oorsprong in dezelfde organische benadering van waanzin. Dokters behandelden geesteszieken al eeuwenlang met baden of douches in de hoop hun gemoed te beïnvloeden. Nieuw waren nu echter de intentie, de frequentie en de duur van de badsessies. Onrustige patiënten werden uren- en soms dagenlang in lauwe baden gehouden. In de eerste plaats moest het baden de geesteszieken kalmeren, daarnaast hoopte men op positieve effecten op de slaap en de eetlust. Dit alles was gebaseerd op de veronderstelling dat geesteszieken een gewijzigde bloedcirculatie hadden en dat dergelijke baden die circulatie zouden bevorderen. Meestal kregen de patiënten vooraf kalmerende medicatie toegediend. Wie niet bereid was dit alles zomaar te ondergaan, werd ertoe gedwongen door een plank of een spanlaken over het bad te leggen. De hals schuurde dan vaak tegen de rand en de huid raakte beschadigd. Langdurig baden maakte de huid bovendien week en veroorzaakte eczeem, ook al smeerden ze het lichaam in met vaseline.

Ethische bezwaren en een veranderde visie op de omgang met waanzin maakten een einde aan de bed- en badtherapie. De herontdekte arbeidstherapie kwam ervoor in de plaats.